BOER-BAKKER-BACKVRIES
Na 6 jaar nu zelfstandig tuinder te zijn en op mijn 15de al met De Kleine Aarde in mijn hand de moestuin van mijn moeder probeerde te veranderen, is pas eigenlijk sinds vorig jaar meer inzicht gekomen hoe en wat boeren. Hoe en op wat voor van manier ik de groentengewassen wil en moet verbouwen en hoe ik de bodem wil verzorgen. Het lijkt of de kennis die ik in de loop van de jaren heb opgepikt -tijdens het werk bij (biologische) tuinders, uit allerlei boeken en studies, uit gesprekken met collega-tuinders en vooral uit het zelfdoen- nu op zijn plaats valt. Misschien had het een tijd nodig om te rijpen. Zoals de (zand)grond waarop ik 6 jaar groenten verbouw moet eerst gekend worden. Niet alle groenten lenen zich om daar te telen. De tuinder die ze dan gaat telen moet daarbij zich goed voelen. In den beginne was ik zoekende..
Het eerste jaar als zelfstandige tuinder (2002) was het bouwplan vrij eenvoudig. Een deel werd met luzerne – voor een betere stikstofvoorraad in de bodem- ingezaaid, een deel met aardappel en pompoen. En een blok peulvruchten-doperwten, peulen, capucijners, tuin- en stokbonen-, en aardbeien. Eenvoudig bouwplan, maar veel handarbeid in zaaien, schoffelen en oogsten. Door een lage investeringsniveau was er weing input van machines. Met veel enthousiasme ging ik aan de slag. Het tweede jaar was het bouwareaal volledig bezet met zo’n 30 groentengewassen en aardbeien. Hoewel met hulp van buiten was het werk te veel en de vermoeide rug had het zwaar. Een serieuze blessure was het gevolg, door fysio-fitness en iboprofen werd de pijn weliswaar minder of draagbaar, maar het ging niet weg. De oorzaak bleek een hernia te zijn. De optie bij de neuroloog is of een operatie (die men tegenwoordig alleen adviseerde bij een acute hernia), een cortico-sterioïden-spuit (bij ondraaglijke pijn) of er mee leren leven. Tevens zei de neuroloog dat ik mijn beroep als tuinder wel kan opgeven. Daar stond ik weer dan buiten het ziekenhuis. Inmiddels had ik het stuk (0,5 ha) waar de pompoenen en aardappelen stonden opgegeven, het was een te arm, slecht vruchbare grond. Ook was er geen water in de buurt. Het bouwplan werd vereenvoudigd. De ene helft stond (winter)rogge en op andere helft met name pompoen. Maar de toekomst zag er niet rooskleurig uit, het idee een groot scala groenten te telen voor regionale natuurvoedingswinkels en restaurants kon ik gaan vergeten. Wanneer men fysiek niet 100% is, werkt dat door naar ziel en geest. Het bedrijf was rijp voor overname, maar helaas zag niemand er brood in. Maar goed ook zal later blijken. Door veel rust te nemen -niets doen- en verslaafd te raken aan computerspelletjes -stil zitten- merkte ik het jaar erop dat mijn rug zich aan het herstellen was. Mijn toekomst als boer-tuinder was nog niet afgeschreven, en als het bloed weer gaat kruipen… Hoewel mijn rugconditie nog niet optimaal was begon ik in 2007 een herstart. En in 2008 na 2 bijna 3 jaar genezingstijd ben ik weer in topconditie. Ik merkte dat al in het voorjaar tijdens een hardlooprondje. In de drie jaar ervoor was ik na 2 km weer terug met rugpijn, nu liep ik zonder problemen een rondje van 8 km. Al de werkzaamheden werden met nog meer geduld en beleid uitgevoerd, tenminste is de intentie. Ik probeer het werk zoveel afwisselend mogelijk te houden. Urenlang in dezelfde houding werken -of het nou wieden, oogsten of trekker rijden is- is ongezond of zelfs funest voor je lichaam maar ook voor je plezier of geest. Geestdodend werk moet men voorkomen te doen. Verder wordt door de inzet van machines -te weten een één-wielige frees, een zaai annex plantmachine, een cultivator- het werk verlicht en ik heb sinds het voorjaar van 2008 een door wervingsactie een aantal goede hulpen overgehouden. Gezamenlijk telen we nu zo’n 40 tal groenten het hele jaar door. Het plezier om samen te werken maar ook om kennis die ik op heb gebouwd over te dragen vind ik steeds belangrijker worden. Gedurende het seizoen volgen leerlingen van middelbare scholen een aantal dagen een maatschappelijke stage of (internationale) studenten een cursus van 6 weken. Ook is er ruimte voor begeleiding voor diegenen die een steuntje nodig hebben, ook al moet het ingepast worden iop het drukke en hectische oogstdagen. En dan zijn er nog altijd dagen waarop ik alleen op het veld ben en heerlijk met de handen in de grond kan wroeten of een vaste middag vrijneem.
PACHA MAMA
MOEDER AARDE
Gevoed worden door Moeder. Dat is eigenlijk bij iedereen gebeurd, vanaf de geboorte met borstvoeding of flessenvoeding, later (groenten)hapjes. Soms niet helemaal vrijwillig, kinderen hebben soms ook geen zin.
Gevoed worden door Moeder Aarde. Vroeger zochten we bessen en joegen op een hert, later toen de landbouw zijn intrede deed, maakten we een akker en oogsten de producten als ze rijp waren. Dieren gingen we houden voor bijv: melk en vlees. De producten die Moeder Aarde voortbrengt is belangrijk voor ons bestaan. Maar betekent wel dat we die (Moeder) Aarde goed moeten verzorgen. Zo is bij de tuinder de vruchtbaarheid van de bodem waarop hij zijn gewassen verbouwd erg belangrijk. Die moet hij om te beginnen goed verzorgen en niet verpesten met gif. Over 100 jaar moeten er nog steeds producten op die bodem geteeld kunnen worden.
Ik heb nooit gedacht dat ik Moeder Aarde nog offers zou gaan brengen.
In Peru en Bolivia is Pacha Mama (Moeder Aarde) meer een begrip en heeft een betekenis voor de mensen al sinds de Inca-tijd. Hoewel tegenwoordig elk restaurant of reisbureau Pacha Mama heet. Wanneer bijv. een fles bier of sterke drank samen wordt opgedronken is het eerste slokje voor Pachu Mama. Het lijkt morsen op de grond.
Afgelopen november 2008 maakte ik een driedaagse trektocht met rugzak en tent naar Machu Picchu (Peru). Niet de geijkte Inca-trail, die was vol en te toeristisch. Vanaf Cusco vertrokken we laat in de middag naar een bergdorp, waar de trektocht zou beginnen. Met een taxi want de bus ging niet. De laatste 20 km ging bergop via een pad met kuilen, terwijl het regende. In Mollepata bleek de stroom uitgevallen te zijn, het duurde even om een slaapplaats te vinden in een hostel. De volgende dag op een ontbijt van koffie en pap omhoog naar 3800 meter. Kampement opgeslagen met uitzicht op de met sneeuw en gletsjers bedekte berg Salkantay (6264 meter hoog). Er wordt nog steeds beweerd dat de Inca’s op de berg een gouden troon geplaatst hebben en tot nu toe heeft niemand die top kunnen bedwingen. De laatste poging werd gedaan door drie Japanse alpinisten; die zijn nooit teruggevonden… ’s Morgensvroeg belicht de zon als eerste de bovenkant van de berg, de schittering op de sneeuw is prachtig. Het lijkt net een kroon….. Het pad loopt via een pas van 4800 meter langs morenen en zigzaggend omhoog over een gletsjerwand. Het is gebruikelijk een steenmannetje(foto) te plaatsen en coca-bladeren over te strooien.Dit als offer voor Pacha Mama. De Inca’s geloofden dat in die inmense bergen hun goden woonden, die gevraagd moesten worden voor een veilige doortocht. Ik maak ook een stapel stenen en doe naast coca-blaadjes wat chocolade bij en sta stil dat we respect moeten hebben voor Moeder Aarde. Niet alleen voor de planeet Aarde als zodanig maar voor alles en iedereen. Respect voor de bodem, planten die daarin groeien, dieren die die planten eten en mensen die die planten en die dieren eten.Ook hier in Peru gooit iedereen nog alles klakkeloos weg – flesje cola op, hup uit het raam van de bus-,er is vaak ook geen vuilnisophaaldienst, misschien hebben die talloze zwerfhonden wel die functie. Mensen hebben geen idee dat plastic gegeten door dieren funest kan zijn. Ook in de bergen ligt overal zwerfvuil langs het pad. De tocht gaat verder, dalend door tropisch regenwoud waar na een flinke bui de paden glibberig zijn geworden. De tent kan ’s avonds opgezet worden op een veldje achter de plaatselijke winkel in een dorpje. Electriciteit en stromend water is er nog niet, door het weerlichten van een onweersbui zie je de contouren van de omliggende bergen. De dag erop ligt daar sneeuw op. Op de laatste dag gaat de tocht langs watervallen en over gammele bruggetjes. Soms moet ik stoppen want een tiental zwaarbeladen pakezels of paarden gaan de andere richting op en hebben even het hele pad nodig. De mensen hebben boodschappen beneden in het dorp gedaan –cola,meel, een aantal kippen, zelfs een mooie groene plastic stoel is vastgesjord -. Het dorp beneden waar de ‘bewoonde wereld’ weer begint met salsamuziek uit de luidsprekers van de winkels. De volgende dag bezoek ik de oude Inca-stad -Machu Picchu-. Een van grootste culturele erfgoederen van de wereld. De stad is gebouwd op een berg van 2500 meter . Indrukwekkend is het na een paar uur rondkijken nog steeds. Ook daar hadden zij daar altaren om de hun goden gunstig te zinnen. Ik zie een offerplaats waar zij de maagden aan de zon werden geofferd en iets verder op is een gebouw waar 18-jarige jongens gecastreerd werden en moet toch even slikken. Wat waren zij wreed. Niet alleen de Spanjaarden, die het goud en zilver roofden maar de Inca’s waren geen lieverdjes naar andere indiaanse stammen
De Moeder Aarde bedanken dat je een goede oogst dat jaar heb gehad door middel van een oogstfeest vind ik een mooi moment. Ook dat slokje bier dat over de grond wordt gegoten voordat je het opdrinkt Zo’n steenmannetje annex altaar opbouwen heeft iets spiritueels maar is tegelijk ook heel aards en direkt..
MEER LEZEN???
De pompoen is naast een voedingsmiddel, maar kan als geneesmiddel dienen. Eigenlijk kun je spreken eerder van dat pompoen maar ook ander eten voedingskracht geeft.

POMPOEN ALS GENEESMIDDEL?
Naast dat pompoen lekker kan zijn, is de geneeskrachtig van de pompoen al eeuwen bekend oa. in China. Lees bijv. onderstaande artikelen:
| De geneeskracht van pompoenDe ene pompoen is de andere niet. Je hebt oranje, groene en gestreepte pompoenen, ronde en langwerpige pompoenen en pompoenen met een “vliegende-schotel vorm. Maar een ding is zeker, de gebruiksmogelijkheden van pompoenen zijn bijna even gevarieerd als hun uiterlijk, zowel culinair als ge-neeskrachtig.Zowel het groene augurkje als de oranje reuzenpompoen behoren allebei tot de familie van de komkommerachtige of Curcurbitacea. Deze familie kent wel duizend soorten, waaronder meloenen, courgettes, kalebassen, okers, pompoenen en natuurlijk komkommers. Zelfs de stekelige kiwano, die in Nieuw-Zeeland wordt gekweekt is een ver neefje. Nu zijn dit natuurlijk niet allemaal pompoenen. De echte pompoenachtigen van de familie (de Cucurbita-tak) worden wel onderverdeeld in de winter- en zomerpompoenen, niet erg wetenschappelijk, maar wel gemakkelijk in het gebruik.Zomerpompoenen zijn sappig, hun schil is dun en ze zijn kort houdbaar. Ze worden geoogst als ze nog niet rijp zijn, anders worden ze vezelig en bitter. Courgettes, patisson en de spaghettipompoen horen bij de zomerpompoenen. Winterpompoenen worden geplukt als ze volgroeid zijn, hebben een dikke leerachtige schil en kunnen op een koele goed geventileerde plaats soms wel enkele maanden bewaard blijven. De enorme, geribbelde “gele reus” is wel de bekendste.Pompoenen zijn een zeer oud cultuurgewas. Er zijn aanwijzingen dat de pompoen al zo’n 7000 jaar voor Christus in Midden- en Zuid-Amerika werd verbouwd. Bij de Azteken en andere Indianenvolkeren waren pompoenen zeer populair omdat ze zo lang bewaard konden worden. Bovendien waren de grote oranje vruchten een zonnesymbool. Pompoen werd om en om met maïs verbouwd, omdat deze gewassen bij elkaar de groei zouden stimuleren. Repen pompoen werden ook wel in de zon gedroogd en vermalen tot een soort meel, waar koeken van gebakken werden en wat tevens als basis van soepen en groenteschotels gebruikt kon worden. De eerste Amerikaanse pioniers maakten via de indianen kennis met de pompoen en namen de gedroogde pompoenrepen mee als noodvoorraad. Traditioneel werden pompoenen ook op grote schaal gekweekt in Japan, waar tegenwoordig vele hybriden met fijnere smaak en iets hanteerbaarder formaat dan de hier bekende pompoenen vandaan komen. Pompoenen worden nu ook commercieel gekweekt in China, Turkije, Argentinië, Mexico, Italië en Frankrijk. In Nederland komen er steeds meer biologisch verbouwde pompoen uit eigen bodem op de markt.Pompoenen worden van oudsher in de volksgeneeskunde gebruikt. Het felgele vruchtvlees van de meeste winterpompoenen is zeer rijk aan caroteen, een stof die ons lichaam in de Vitamine A kan omzetten. Deze vitamine is onder andere van invloed op de snelheid waarmee onze ogen zich kunnen aanpassen aan schemerlicht. In de oude Engelse kruidenboeken wordt al bevolen om kinderen met oogafwijkingen gekookte, fijngemalen winterpompoen te laten eten.Pompoenzaden zijn een beproefd middel tegen wormen. De pitten worden gepeld maar het dunne binnenste vlies moet intact blijven. Afhankelijk van de leeftijd van de patiënt en het soort wormen (lintwormen vereisen de hoogste dosering) moet men 15 tot wel 100 pitten eten en deze heel goed kauwen. Een uur later besluit een halve lepel wonderolie de behandeling. Gedroogde, geroosterde pompoenzaden zijn overigens een delicatesse. Pompoen is ook heel geschikt als baby- en kindervoeding. Het vruchtvlees is licht verteerbaar en levert naast caroteen ook calcium, ijzer en vita-mine C. De zoetige smaak van de pompoen is ook een voordeel. De meeste kinderen houden niet van bittere groenten zoals spinazie witlof en spruitjes. Als deze groenten met gare pompoen geprakt of vermengd worden, lusten kinderen ze vaak wel. Ludwina Veeris heeft in haar boek “Remedi i kustumbernan di nos bieunan” geeft ook en prachtige omschrijving van deze plant. De bladeren van de pompoen werden in gekookt water als thee gedronken tegen astma en benauwdheid. Pompoenthee getrokken van de bladeren van de pompoenplant werd gebruikt bij diaree. Trouwens bij darmontsteking was het volgens de oudjes aan te raden pompoen minstens twee maal per week te eten. Pompoenen zijn heel gemakkelijk te kweken en het resultaat is ook sterk belonend. De plant heeft wel de ruimte nodig om te groeien. De ouderen zeggen dat het een plant is, die ervan houdt om net in de tuin van de buurman de mooiste vruchten te geven. Een kleine bijkomstigheid waar u toch rekening mee moet houden is dat de pompoenplant niet omhoog mag groeien want dit kan volgens de oudjes onheil veroorzaken. Mijn raad is om de plant in ieder geval niet omhoog te laten groeien want anders groeien de vruchten niet.
|
Pompoen
Oranje is de kleur van de de herfst. Bladeren kleuren oranje en pompoenen zijn sfeermakers in het straatbeeld. Steeds meer mensen ontdekken dat de pompoen niet alleen een siergroente is. Je kunt er heerlijke gerechten mee maken, die ook nog eens supergezond zijn. Zevenduizend jaar geleden droogden de indianen in Midden- en Zuid-Amerika al repen pompoen om er onder meer meel en koeken van te maken. De pompoen kent vele soorten. De diverse oranje en groene pompoen natuurlijk, maar ook bijvoorbeeld de butternut (geelroze en flesvormig) en de pattison, een witte of gele ‘vliegende schotel’. Allemaal bevatten ze bijzonder weinig calorieën.
DIABETES
De pompoen heeft vele geneeskrachtige eigenschappen. Voor diabetici zou pompoen zelfs wel eens de groente van de toekomst kunnen zijn. Een Chinese universiteit ontdekte onlangs dat pompoenbestanddelen in staat zijn om beschadigde alvleeskliercellen te herstellen bij ratten met diabetes. Daardoor kan het lichaam zelf weer (meer) insuline aanmaken. Of dit bij mensen ook zo werkt, wordt nog onderzocht. Pompoenen, vooral de oranje varianten, bevatten veel bètacaroteen. Bètacaroteen is een sterk anti-oxidant, en volgens sommige studies vermindert het regelmatig eten van pompoen dan ook de kans op bepaalde kankersoorten. Bètacaroteen kan ook helpen bij oogafwijkingen. Het eten van pompoen helpt bovendien een te sterke verzuring van het lichaam tegen te gaan. De vezels van de pompoen hebben een mild laxerende werking, vooral door de mannitol die ze bevatten. En dan de pitten. Die zijn een natuurlijk middel tegen wormen en ook bij prostaatklachten en andere urinewegaandoeningen kunnen ze veel goeds doen (pompoenpitolie). Een uitwendige omslag met pompoenpitten helpt bij spierkrampen en kneuzingen.
In de keuken kun je met pompoen eveneens veel kanten op. Pannenkoeken, taart, soep, cake, jam, chutney, frietjes, zelfs ijs is te bereiden met pompoen. Ook de pompoenzaden kun je op meerdere manieren eten: licht geroosterd bijvoorbeeld zijn ze heerlijk als hartige snack, en door de salade kunnen ze altijd (verse zaden eerst pellen, of koop anders gepelde zaden). In de Mexicaanse keuken worden pompoenpitten gebruikt voor het dik maken van sausen en voor het bereiden van een soort marsepein. Handig: vanwege de zoetige smaak zijn veel kinderen dol op pompoen.
WAT ZIT ER IN?
Vruchtvlees: o.a. bètacaroteen, vitamine C, calcium, kalium, magnesium, fosfor, silicium.
Pitten: eiwitten (waaronder tryptofaan), B-vitamines, ijzer, magnesium, zink, vitamine E en diverse enzymen.
EKOLAND SEPTEMBER 2008
Het artikel in Ekoland van september 2008 was de afgesproken versie. Hieronder volgt de juiste versie:
Het artikel in Ekoland (www.ekoland.nl) waarin Backvries en De Kardoen centraal stond was helaas niet de laatste versie die is afgesproken met het blad Ekoland. Erg jammer want nu staan er toch een aantal onwaarheden en slechte weergaves van de zaken in.
Hieronder staat de versie die erin had moeten komen:
=====================================================
Slimme mechanisatie, meer personeel en regionalisatie!
Ervaring en visie van tuinder Theo de Vries
Op de Wageningse Eng, ligt Biologisch Tuinbouwbedrijf) Backvries. De naam vraagt om uitleg. Het is een samentrekking van de achternamen van Theo de Vries, die zes jaar geleden het bedrijf gestart is en zijn vrouw Bernadette Backers die zes jaar geleden in Bennekom Natuurvoedingswinkel de Kardoen overnam. Bernadette runt de laatste jaren de winkel samen met Nienke Nijland. Theo kreeg 5 jaar geleden een hernia en heeft drie jaar niet volledig het tuinders-vak kunnen uitoefenen. En heeft sinds 2007 een herstart gemaakt.
Ook de winkel kreeg een nieuwe impuls door de verhuizen naar een nieuw groter pand in Bennekom. Een portret van twee energieke bedrijven.
“Elke tuinder maakt kans op een hernia”, stelt Theo duidelijk. Nadat vorig jaar Theo fysiek het werk weer aan kon begint dit jaar het bedrijf vorm te krijgen zoals hij het bedacht heeft in 2002. Theo: “Vanaf het begin waren er veel ideeën maar als je na een half uur wiedwerk niet meer verder kan dan heeft alles weinig zin. Het besef dat je lichaam goed moet functioneren om je ideeën en dromen te realiseren is door de hernia flink naar voren gekomen.
Zo moet een klein tuinbouwbedrijf, met name op zand, slim mechaniseren. Ik wil niet alleen al het werk doen dus heb ik gemechaniseerd zodat we minder hoeven te bukken en te tillen. Ik heb een oude Accordplantmachine opgeknapt waarmee ik ook tuinbonen en pompoenen zaai. Bewerking van de grond doe ik zo weinig mogelijk en alleen de bovenste 20 cm. Een tandcultivator met rol bestrijd het jonge onkruid en tegelijkertijd wordt ook een mooi zaaibed klaargelegd. Verder wordt alles zo veel mogelijk op rijen van 80 cm gezet waartussen het onkruid met een één-wielige frees aangepakt wordt. Het werk blijft teveel voor één persoon, en ik vind het erg leuk om met meer mensen te werken en mijn kennis en ervaring door te geven. Ik bedacht de filosofie van de 4 M’s; : Met geduld, met beleid, met machines en met mensen”.
Theo wil het bedrijf verder ontwikkelen. Er zijn ideeën om van het bedrijf, wat nu een eenmanszaak is, een stichting of cv te maken. Een stichting die grond en gebouwen koopt en beheert op de Wageningse Eng. Daarmee kan de biologische en duurzame landbouw groeien en voor de toekomst gewaarborgd blijven. De stichting zou bijvoorbeeld de tuinder in dienst kunnen nemen. Mocht deze wegvallen of stoppen dan kan de stichting een nieuwe tuinder aantrekken. Theo: “Ik ben erg voor het idee dat bedrijven een gildefunctie hebben, dat zij (met name) mensen op- en begeleiden en die dan later weer in het bedrijf kunnen stappen. Vaak zijn de kosten van een overname van grond en machines zo hoog, dat jonge agrariërs er niet instappen”.
Voorfinanciering
Een interessant onderdeel van de bedrijfsvoering van Tuinbouwbedrijf Backvries is de voorfinanciering door de twee natuurvoedingswinkel waaraan geleverd wordt.Theo: “In het voorjaar moet de tuinder veel investeren in met name poot- en zaaigoed. Pas later in het seizoen wordt omzet gedraaid, dus in februari krijg ik een voorschot/lening van de winkels, die ik delen vanaf augustus terugbetaal. De rente bestaat uit het organiseren van een aantal open dagen voor de klanten.Zo groeit de band tussen consument, winkelier en tuinder. Dat wil ik graag!”
Supervers met recepten
De groenten van Backvries worden drie keer per week geleverd aan oa. De Kardoen. Onderhand kennen de klanten van de winkel Theo en als hij binnen komt met verse groenten, en roept: ‘Er zijn weer verse aardbeien’, dan liggen ze in een mum van tijd in het winkelwagentje. De klanten vinden het eten van regio-producten erg leuk.
Sinds dit jaar hangt bij de Kardoen, maar ook bij Buys en Ko, en Natuurslager Van Santen/Keijzer elke week een aanbodlijst van regiogroenten van Biologisch Tuinbouwbedrijf Backvries en Biologische Tuinderij De Stroom, daardoor kunnen mensen zien waarvandaan de groenten komen en welke die week geleverd worden. Theo: “Voordat ik tuinder werd was ik kok en zes jaar mede-eigenaar van een restaurant in Wageningen. Toen werkte ik ook al veel met groenten. Nu doe ik bij de groenten in de winkels recepten en met name van groenten die mensen niet zo goed kennen of waarvan ik op de tuin veel heb staan. Bijvoorbeeld rucola-pesto, die ik in de winkels door de klanten liet proeven. In plaats van 5 bosjes rucola verkocht ik er 70!. Of van koolrabi, ook nog steeds een beetje een onbekende groente: schil ze en eet ze als een appel, heerlijk!”
Gewasbeschermende maatregelen
Drie roofvogel vliegers, ontwikkeld op Schiphol om de landingsbanen vogelvrij te houden, van ca € 300,- per stuk worden op het land ingezet om de groenten te beschermen tegen vogelvraat. In het voorjaar helpt het om schade te voorkomen bij de kiemende peulen, kapucijners en tuinbonen, maar ook wanneer de aardbeien en de suikermaïs rijp zijn. Verder wordt er acrylvliesdoek met name in het vroege voorjaar gebruikt als bescherming tegen kou en tegen schade door duiven, wortelvlieg, koolvlieg en konijnen. Het vliesdoek geeft ook warmte aan de grond en groente waardoor ik dit jaar als eerste peultjes kon leveren aan de winkels en aan de groothandel ODIN/Estafette. Theo: “Dit jaar is trouwens alles 2 weken vroeger en of dat het broeikasgaseffect is weet ik niet. Ik merk dat insecten door zachte winters makkelijker overleven, en ook dat de mineralisatie in de bodem eerder op gang komt. Dat zijn voordelen van het broeikasgaseffect! Maar een nadeel is dat door de soms heftige temperatuurswisselingen groenten in de stress schieten, vooral tuinbonen en uien hebben daar last van. En ander nadeel is dat er nu heftiger stortbuien voorkomen. De Wageningse Eng glooit en ik heb daarom de bedden dwars op stroomrichting van het water gelegd. Een soort terraslandbouw.”
Van potstalmest naar compost
“Wat de bemesting betreft ben ik afgestapt om potstalmest te gebruiken”, zegt Theo. “Ik merkte na zes jaar dat de stikvoorraad in de bodem niet toenam, dus alles wat ik erop bracht hadden de planten ook zeker nodig. Ik gebruik nu groencompost, 100% plantaardig (afkomstig van Van de Hengel uit Achterveld, een biologische melkveehouder met een neventak), die ik twee keer per jaar laat komen. De eerste laag in het voorjaar ploeg ik onder. De tweede laag in het najaar werk ik lichtjes onder met een schijveneg. Compost werkt wel trager dan potstalmest en om toch wat snelle stikstof te hebben gebruik ik verenmeelkorrels. Probleem is wel dat die uit de gangbare pluimveehouderij komen, ik heb BIOkennis er al op geattendeerd dat dit voor veel tuinders een probleem is. Het alternatief is een mestkorrels gemaakt van plantaardige materialen, maar de stikstof werkt trager en is bijna twee keer zo duur.”
Alle percelen worden zoveel mogelijk bebouwd of bedekt. Als het niet met groenten is dan wordt een groenbemester ingezaaid zoals phaecelia en winterrogge.
Theo: “De laatste jaren ben ik me meer gaan verdiepen met de materie bodem en bemesting. Met name door studieclubs van het DLV, excursies bij collega-tuinders en zelfstudie word ik weer wat wijzer. Bijv: dat stikstof als element voor de plant wel belangrijk is maar dat onderlinge verhouding van mineralen(zoals kalium, magnesium en calcium) en zuurtegraad veel belangrijker is. Verder merk ik dat met name dit jaar de groenten erg vitaal zijn en vraag me soms af komt dat ook omdat ik zelf ook nu weer erg vitaal ben. Zelf ben ik geen aanhanger van de antroposofische of energetische landbouw, misschien wel van de intiatieve landbouw maar ik zie dat de groenten van gezonde biologische bedrijven vitaler zijn. Hoe dat komt? Ik geloof wel dat de planten krachten uit de bodem (en kosmos) halen. Wat ik ook meer in ga geloven dat ik als tuinder of mijn medewerkers energie of kracht uitstralen die de plant kan oppikken.Zo voel ik me dit jaar goed/vitaal en de groenten doet het ook goed/zijn vitaal. Bij dieren is dat makkelijker waar te nemen en dan bij planten. Zo zegt Jan Dirk van de Voort (Remekerkaas uit Lunteren) op vragen waarom zijn kaas zo lekker is; “Omdat mijn koeien zo gelukkig zijn”.! Daar ben ik het helemaal mee eens.
Samenwerking
Sinds vorig jaar werkt Biologisch Tuinbouwbedrijf Backvries samen met Biologisch Tuinderij De Stroom uit Hemmen. Het bedrijf in Hemmen, dat net aan de andere kant van de Rijn bij Wageningen op klei ligt is een groentenabonnementenbedrijf met klanten in Nijmegen en de Betuwe. In het voorjaar zijn de groenten bij Theo eerder klaar en gaan dan ook in de pakketten. Verder bieden deze twee bedrijven gezamenlijk hun groenten aan bij hun afnemers. Theo verzorgt de distributie en facturering. Zo kunnen zij een groot assortiment aan groenten leveren.
Kader 1:
Bedrijfsgegevens Tuinderij Backvries
Gestart in 2002
Omvang: 1,5 ha: 0.2 ha in eigendom en 1.3 ha pacht
Grondsoort: zand( organische stofgehalte 1,7%, pH 6,5)
Bemesting: groencompost (60 ton) per jaar, aangevuld met verenmeelkorrels
Teelten: ca 40 soorten groenten
Vruchtwisseling: 1 op 7: bladgewassen, peulen, 2 jaar aardbei, kool, ui/wortel en
vruchtgewassen (pompoen, maïs, courgette)
Arbeid: Theo, fulltime en 3 partimers
Afzet: ca 90% naar Natuurvoedingswinkel De Kardoen (Bennekom), Natuurvoedingswinkel
Buys en Ko (Wageningen), Natuurslager Van Santen/Keijzer (Wageningen),
Steekexpresse (boerenmarkt en internetdienst Wageningen en de Betuwe) en
verschillende restaurants en eethuizen (Wageningen)
Ca 10% naar Biologisch Tuinderij De Stroom (Hemmen)
(foto met Bernadette en Nienke)
Kader 2:
Nieuwe winkel trekt meer klanten
Bernadette Backers en Nienke Nijland runnen als VOF, samen met 5 parttime medewerkers de natuurvoedingswinkel de Kardoen in Bennekom. Ze zijn net verhuisd van een pand net buiten het winkelgebied van Bennekom naar een splinternieuw pand midden in het dorp aan de Markt, naast een viswinkel. De verhuizing heeft de winkel en de mensen achter de winkel heel goed gedaan. “Het loopt fantastisch”, stelt Bernadette met veel energie!
Wat is er allemaal veranderd?
Bernadette: “Onze nieuwe winkel heeft een frisse, moderne uitstraling. Net zoals de Estafettewinkels hebben we gekozen voor draadstellingen en een prominente plaats voor de groentestelling en brood- en kaasafdeling. Andere producten zoals kruidenierswaren, zuivel en kant en klare producten staan verder in de winkel. Ons assortiment is uitgebreid tot 3000 producten, niet eens veel meer dan we hadden maar door de ruimere presentatie komt alles meer tot zijn recht!”
Verder zijn de volledige LED-verlichting, spaarlampen, leemgestucte muren en een afgeschermde vitrine voor zuivel hun oogappeltje. In het (kleine) magazijn hebben we de koelcel laten vergroten: omdat deze ook wordt gebruikt door Theo gaf dat voorheen nog wel eens problemen.
Hoe hebben jullie de verhuizing gefinancierd?
Nienke: “We hadden berekend dat de verhuizing ca € 60.000,- zou gaan kosten. We hebben klanten gevraagd of ze wilde investeren in onze winkel. En dat wilde ze! Binnen een week hadden we van ca 15 klanten het bedrag binnen. Klanten bepalen zelf de rente: die varieert van 1 tot 4%. We hadden makkelijk € 100.000,- kunnen krijgen, maar moeten het wel weer zien terug te betalen natuurlijk.”
Voor de inrichting hebben we veel hulp gehad van collega’s, kennissen en vrienden. Het onderstel van de nieuwe toonbank is bijvoorbeeld gemaakt van de oude Lundia-winkelstellingen, het bovenblad komt uit een boom die mijn vriend, hovenier, ooit bij iemand uit een tuin heeft gehaald. Cradle to Cradle heet dat tegenwoordig, hoewel we dit al jaren zo doen!”
Hebben jullie veel producten van boeren uit de regio?
Bernadette: ”Afhankelijk van het seizoen komt 10% van de groenteomzet in de Kardoen van Theo’s land en van andere bedrijven zoals de Stroom uit Hemmen en Tres Jolie en Om de Tuin uit Lunteren. Zij kunnen nooit alles leveren.maar daar streven we ook niet naar. Wel hebben de regionale aanbieders voorrang op de groothandels omdat door de kortere keten de kwaliteit en prijs gunstiger zijn.
We hebben naast groente ook wijn van de Wageningse Berg, kaas van Remeker, harde geitenkaas van de Groote Stroe, en zachte geitenkaas van voorheen Heidrun. Samen maakt dat misschien een paar procenten van de hele omzet uit. We doen het omdat we het heel belangrijk vinden dat klanten zien dat boeren en tuinders trots zijn op hun product en hopen een stukje seizoensbewustzijn mee te geven. We stimuleren klanten ook om bij de boeren op bezoek te gaan.
Trekken jullie nu andere klanten met deze nieuwe winkel?
Nienke: “Ja absoluut, de winkel is veel uitnodigender en groter. Klanten kunnen nu een beetje anoniem door de winkel gaan”. Bernadette: “Doordat je makkelijk kan parkeren op de markt komen ook allerlei nieuwe klanten. Iedereen is verbaasd over het aanbod: het oude beeld van natuurvoeding hebben we wel weten te weerleggen denk ik. Wat me opvalt, conludeert Bernadette, is dat er nu veel meer mannen in de winkel komen!”
=======================================================